wereld - kies de puzzel om op te lossen

Het heelal of universum in de astronomie, ofwel de kosmos in de kosmologie, zijn synoniemen voor alle materie en energie binnen het gehele ruimtetijd-continuüm waarin wij bestaan. Er valt voorts nog een onderscheid te maken tussen het zichtbare heelal en het theoretische heelal: Het zichtbare heelal omvat dat deel van het heelal waarvan sinds het "begin der tijden" licht ons heeft kunnen bereiken en dat we daardoor om ons heen kunnen waarnemen. Omdat de snelheid van het licht eindig is, is ook het zichtbare heelal gemeten vanaf het "begin der tijden" eindig. Het theoretische heelal omvat de theoretische modellen die in de kosmologie een mogelijke structuur beschrijven waarin het zichtbare heelal wellicht 'ingebed' is. Deze worden behandeld in bijvoorbeeld de verschillende snaartheorieën en de theorie over een mogelijk multiversum. Over het algemeen wordt aangenomen dat het heelal is ontstaan volgens de oerknaltheorie. Volgens de huidige stand van zaken van deze theorie is het heelal circa 13,75 miljard (± 1%) jaar geleden ontstaan. De Belgische astronoom Georges Lemaître introduceerde in 1927 de theorie dat het universum uitdijt, wat verklaarde dat ver van ons verwijderde sterrenstelsels een roodverschuiving vertoonden. De Amerikaanse astronoom Edwin Hubble vond twee jaren later experimenteel bewijs voor Lemaîtres theorie. Hij bewees dat alle sterrenstelsels zich van ons verwijderen met een snelheid proportioneel tot de afstand ten opzichte van ons, wat nu de Wet van Hubble-Lemaître wordt genoemd.