molen - kies de puzzel om op te lossen

Een korenmolen, graanmolen of meelmolen is een molen waarmee uit graan meel wordt gemalen. Al in de oudheid maalden mensen hun graan; aanvankelijk door het tussen twee stenen, zoals de napjesstenen, fijn te wrijven, later met ronddraaiende handmolens of kweerns, weer later met watermolens of windmolens. Met de komst van deze machines werd voor meerdere gezinnen gemalen en veranderde het malen van graan van huisvlijt in een ambacht waarvoor geschoolde krachten moesten worden ingehuurd. In het verleden rustten het windrecht of de rechten op het malen van graan bij de plaatselijke heersers. In de zogenaamde banmolens of dwangmolens moesten alle ingezetenen op last van de plaatselijke heerser het graan laten malen, waarvoor een provisie betaald moest worden. Pas in de Franse tijd kwam in de Lage Landen een einde aan deze feodale regeling. Als een graanmolen enkel voor tarwe, rogge of spelt wordt/werd gebruikt, duidt men deze molen respectievelijk aan als tarwemolen, roggemolen of speltmolen. Er zijn in de lage landen vier verschillende typen molens waarin graan tot meel wordt gemalen: standerdmolens, bovenkruiers, wipmolens en watermolens. De verschillen zitten in de bouw en de aandrijving, dus niet in het maalproces zelf. In een standerdmolen is het gehele mechaniek in de kast gebouwd, die in zijn geheel op de wind wordt gedraaid, in een bovenkruier en een wipkorenmolen worden uitsluitend de wieken op de wind gedraaid en wordt de rest van het mechaniek door een verticale spil aangedreven.